SV
23Ik zag het land aan, en ziet, het was woest en ledig; ook naar den hemel, en zijn licht was er niet.
24Ik zag de bergen aan, en ziet, zij beefden; en al de heuvelen schudden.
25Ik zag, en ziet, er was geen mens; en alle vogelen des hemels waren weggevlogen.
26Ik zag, en ziet, het vruchtbare land was een woestijn, en al zijn steden waren afgebroken, vanwege den HEERE, vanwege de hittigheid Zijns toorns.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637