Psalmen 104:12, 17

SV

12Bij dezelve woont het gevogelte des hemels, een stem gevende van tussen de takken.
17Alwaar de vogeltjes nestelen; des ooievaars huis zijn de dennebomen.

KJV

12By them shall the fowls of the heaven have their habitation, which sing among the branches.
17Where the birds make their nests: as for the stork, the fir trees are her house.
Helaas geen NBV vertaling meer. Binnen de huidige voorwaarden van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap is dit momenteel niet toegestaan.

Suggesties voor alternatieven zijn welkom via het feedback formulier.