Psalmen 59:7-8

SV

7Tegen den avond keren zij weder, zij tieren als een hond, en zij gaan rondom de stad.
8Zie, zij storten overvloediglijk uit met hun mond; zwaarden zijn op hun lippen; want wie hoort het?

KJV

7Behold, they belch out with their mouth: swords are in their lips: for who, say they, doth hear?
8But thou, O LORD, shalt laugh at them; thou shalt have all the heathen in derision.
Helaas geen NBV vertaling meer. Binnen de huidige voorwaarden van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap is dit momenteel niet toegestaan.

Suggesties voor alternatieven zijn welkom via het feedback formulier.